Diagnostiek en behandeling van LUTS door BPH

Diagnostiek en behandeling van LUTS door BPH

Auteur(s): 

dr. P.J.M. Kil, uroloog

Reviewer(s): 
dr. J. Nieuwenhuijzen, uroloog

Introductie

De behandeling van de mannelijke patiënt met mictieklachten heeft de afgelopen jaren een grote evolutie doorgemaakt. In het verleden was de behandeling vooral gericht op het verlichten van prostaatgerelateerde symptomen, maar thans geldt het inzicht dat de klachten multifactorieel bepaald zijn: zowel prostaat- als blaasgerelateerd. Hiernaast is het inzicht ontstaan dat LUTS (lower-urinary-tract symptoms) op basis van BPH (benigne prostaathyperplasie) een progressieve aandoening is en dat het zinvol kan zijn deze progressie te vertragen waardoor complicaties en chirurgisch ingrijpen vermeden kunnen worden. Uitsluitend op symptomen gerichte therapie zal dus vaak suboptimaal zijn, omdat hiermee de voortgaande progressie niet beïnvloed zal worden.
 
LUTS op basis van BPH wordt gekenmerkt door een symptomencomplex van plasproblemen, zich uitend in enerzijds prostaatgerelateerde obstructieklachten (mictie-LUTS) en anderzijds blaasgerelateerde klachten (opslag-LUTS). Of LUTS ook daadwerkelijk het gevolg is van BPH, is niet altijd duidelijk. LUTS heeft immers vaak een andere oorzaak dan BPH. Obstructieve klachten zijn het gevolg van groei van de prostaat, waardoor mechanische vernauwing van het plaskanaal kan ontstaan. Hierdoor ontstaan klachten zoals bemoeilijkte mictie, een slappe straal met hesitatie, en nadruppelen. Opslag-LUTS-klachten zijn het gevolg van overactiviteit van de blaasspier die het gevolg is van een reactie van de blaasspier op de obstructie. Dit uit zich in urgency en frequency: een plotselinge aandrang tot plassen met een mictiefrequentie van meer dan 8 keer per etmaal. Vaak gaat dit gepaard met een hinderlijke nycturie. In meer dan de helft van de mannen met LUTS is sprake van overwegend opslag-LUTS; 25% kenmerkt zich door overwegend mictie-LUTS-klachten. Bij 65% is sprake van een combinatie van klachten.

De patiënt consulteert zijn huisarts met deze klachten meestal op het tijdstip dat hij hinder ondervindt van zijn klachten en dat hiermee zijn kwaliteit van leven in het gedrang komt. Aan de huisarts is het de taak om de juiste diagnose te stellen en de bijhorende behandeling te initiëren, die varieert tussen leefstijladviezen en medicamenteuze behandeling. De NHG-Standaard Mictieklachten bij mannen uit 2013 kan hierbij nuttig zijn.
 
Dit artikel heeft tot doel informatie te geven over de beste work-up van de patiënt die bij de arts komt met LUTS, en over de meest passende behandeling.